Verslag Debat

Voor Rotterdam is Kinderen in Tel de aanleiding geweest om veel energie in het jeugdbeleid te stoppen en zich als gemeente in te zetten voor kindvriendelijkheid. Eerst is gekeken naar de kindvriendelijkheid van scholen, verkeer en groenvoorzieningen in Rotterdam en nu is het kindvriendelijker maken van wijken één van de belangrijkste thema’s voor het college van B&W geworden.

Dat verklaarde wethouder Jeugd, Gezin en Onderwijs, Leonard Geluk nadat hij het eerste exemplaar van het Databoek Kinderen in Tel 2009 in ontvangst nam in het stadhuis van Rotterdam. Op woensdag 22 april 2009 hebben de samenwerkende organisaties Kinderen in Tel gastvrijheid genoten van de gemeente Rotterdam om met diverse betrokkenen een debat te voeren over de gegevens uit het vierde Databoek en in het bijzonder over het thema Schoolverzuim. Het doel van Kinderen in Tel is het welzijn van kinderen te verbeteren door het stimuleren van een dialoog tussen beleidmakers en de uitvoerders van het jeugdbeleid op basis van de cijfers. Discussie moet leiden tot het realiseren van gelijke rechten voor alle kinderen. Dit jaar werden gemeenten uitgenodigd om goede praktijkvoorbeelden te presenteren over hoe jeugdbeleid creatiever, innovatiever en vooral meer in het belang van kinderen gemaakt kan worden. Rotterdam Kindvriendelijk was een perfecte locatie om te laten zien dat de gerichte inspanningen van de gemeente zichtbare resultaten opleveren voor het welzijn van kinderen. Volgens de onderzoekers van het Verwey-Jonker Instituut, Majone Steketee en Bas Tierolf, heeft na vier jaar Kinderen in Tel 50% van de gemeenten veranderingen doorgevoerd om de leefsituatie van kinderen en jongeren te verbeteren. Bijna veertig procent (38%) van de gemeenten heeft het jeugdbeleid op kinderrechten gebaseerd. Dat wijzen de resultaten uit van een enquête over de impact van Kinderen in Tel die in 2008 naar alle Nederlandse gemeenten was gestuurd. De respons kwam van 156 gemeenten. De gegevens uit het Databoek 2009 laten zien dat de tweedeling in de levensstandaard van kinderen en jongeren zich voortzet. Volgens de cijfers die verzameld zijn voor twaalf aan kinderrechten gerelateerde indicatoren is de achterstand vooral in de grote steden zichtbaar. Maar niet alleen daar, ook in plattelandsgebieden, met name in het noordoosten van het land, leven veel kinderen in armoede. Er zijn opvallend grote verschillen tussen wijken, ook binnen de steden die slechter scoren. Dat betekent dat het beleid individueel, per wijk aangepast moet worden, zoals nu in Rotterdam het geval is. De cijfers over de periode 2000- 2007 over heel Nederland geven aan dat elk jaar toch een kleine verbetering geboekt wordt in de leefsituatie van kinderen en jongeren. Er zijn minder jongeren werkloos, het aantal tienermoeders is gedaald en kinder- en zuigelingensterfte komen minder voor. Een zorgelijke ontwikkeling is dat meer kinderen verwezen zijn naar de geïndiceerde jeugdzorg en dat het aantal kinderen dat vanwege een delict voor de rechter verschijnt, is toegenomen. Een opvallende landelijke negatieve tendens is te zien bij schoolverzuim, dat bovendien slecht geregistreerd wordt. Dat probleem moet met voorrang worden aangepakt. Kinderen en jongeren die spijbelen of school verlaten zonder diploma, behoren tot een extra kwetsbare groep die bijzondere aandacht nodig heeft. Zo stelt ook het Comité voor de Rechten van het Kind in de aanbevelingen voor de Nederlandse overheid die in januari 2009 geformuleerd zijn: Bestrijd de tweedeling in de maatschappij en geef een toereikende steun aan kinderen in achterstandsposities. Rotterdam neemt de gegevens uit de onderzoeken Kinderen in Tel heel serieus en deelt ook de zorgen van belangenbehartigers over het welzijn van kinderen. Uit het Databoek 2009 blijkt dat de inspanningen van de gemeente vruchten afwerpen: Schiemond die vorig jaar als de slechtste wijk in Nederland uit het onderzoek was gekomen, staat nu op een betere positie op de ranglijst. Op 8 oktober 2008 is op initiatief van de gemeente een samenwerking Convenant ondertekend tussen diverse kinderrechtenorganisaties en Rotterdam, dat tot doel heeft een aantal projecten uit te voeren die aan kindvriendelijkheid van de gemeente zullen bijdragen. In het debat zijn twee stellingen gebruikt om tot actiepunten te komen voor een effectieve aanpak van schoolverzuim.

  1. Scholen waar veel wordt verzuimd moeten worden bestraft.
  2. Elke leerling moet op maat gesneden onderwijs krijgen.

In het panel hebben plaatsgenomen: Gerda Brinkman, account manager voor Rotterdam bij het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), Marcel Mathyssen van de MO Groep Welzijn en Maatschappelijk Dienstverlening, Thea Gielleit van de gemeente Reiderland, Baukje de Jager, coördinator Regionale Meldcentrum (RMC) Fryslan Noord en Barbara Barendrecht namens de Rotterdamse Jongerenraad. Volgens de panelleden kost een schoolverlater de maatschappij 1,6 miljoen euro. Het OCW sluit convenanten met gemeenten en schooldirecties om schooluitval in het jaar 2011-2012 met 40% te verlagen en daarnaast is aan de Minister van OCW gevraagd om middelen beschikbaar te stellen om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren. Scholen zijn bij wet verplicht om schoolverzuim te melden, Directeuren die deze plicht niet nakomen, kunnen tot twee maanden gevangenisstraf krijgen. De RMC’s (Regionale Meld-en Coördinatiefunctie) verzorgen voor schooluitvallers terugkeertrajecten en leer-/werk- vervolgtrajecten. De overheid heeft volgens het Kinderrechtenverdrag een zorgplicht voor elk kind en moet scholen ondersteunen om het beste onderwijs mogelijk te maken en schoolverzuim te voorkomen. Gemeenten met weinig kansen voor jongeren, moeten financiële ruimte creëren om jongeren individueel te begeleiden en te stimuleren om verder te leren. Dankzij Kinderen in Tel is in de gemeente Reiderland een aantal projecten gestart, waarbij ook ouders betrokken worden om het welzijn van kinderen te verbeteren. Gemeente Vlieland heeft in een schriftelijke verklaring laten weten dat schoolverzuim op het eiland onder andere in samenspraak met jongeren aangepakt wordt. Alle aanwezigen waren het met elkaar eens dat alle leerlingen alle kansen moeten worden aangeboden om passend onderwijs te krijgen en om deze te kunnen afronden. Gemeenten moeten actief met scholen samenwerken om schoolverzuim te voorkomen en aan te pakken. De sociale omgeving van het kind moet optimaal gesteund worden. Geen kind dat begeleiding nodig heeft mag aan haar lot worden overgelaten. Leerlingen moeten worden gestimuleerd om mee te denken over de gang van zaken op school.

ACTIEPUNTEN:

  1. Schoolverzuim wordt nauwkeurig geregistreerd.
  2. Schoolverzuim wordt voorkomen door aantrekkelijk, inspirerend en voor alle kinderen en jongeren passend onderwijs en leer/werkprogramma’s.
  3. Er wordt voldoende geld beschikbaar gesteld voor individuele begeleiding van hulpbehoevende leerlingen.
  4. De woonomgeving van kinderen en jongeren moet inspirerend en veilig zijn.
  5. Scholen geven in lessen bekendheid aan kinderrechten en leren rechten van anderen te respecteren.
  6. Er is voldoende geld beschikbaar om deskundigheid en kwaliteiten te bevorderen van professionals die met kinderen en jongeren werken.
  7. Jongeren worden betrokken bij de ontwikkeling van leerprogramma’s en de aanpak van schoolverzuim.
  8. Vakopleidingen krijgen meer positieve aandacht.
  9. Ouders worden betrokken bij de aanpak van schoolverzuim.
  10. Gemeenten voeren een proactief beleid en werken samen met scholen om schoolverzuim te voorkomen en te bestrijden.

 

 
 

copyright 2009 © Kinderen in Tel