| Welzijnskloof kinderen in Nederland
Kinderen in Tel en het Innocenti-Unicef onderzoek
Het onderzoeksinstituut van UNICEF – het Innocenti Research Centre in Florence - heeft onlangs een rapport gepresenteerd: 'Report Card 09 - The children left behind'. Onderwerp: de mate van ongelijkheid in het welzijn van kinderen in de 24 rijkste landen ter wereld (de OESO-landen).
Welzijnskloof Nederlandse kinderen klein
'Report Card 09 - The children left behind' vergelijkt de toegang tot gezondheid, materieel welzijn en onderwijs. Het maakt de kloof zichtbaar tussen de kinderen die gemiddeld op welzijn scoren en de kinderen die daar verder onder scoren. Volgens het onderzoek is de welzijnskloof tussen kinderen in Nederland minimaal. Nederland is een land waar alle kinderen bijna gelijke toegang hebben tot welzijn, aldus het rapport. In het onderzoek zijn cijfers gebruikt van voor 2008.
Overheidsmaatregelen
Volgens het Innocenti onderzoek kunnen overheidsmaatregelen het aantal kinderen in armoede met soms wel meer dan 40% doen afnemen. Gerichte en effectieve maatregelen van de overheid kunnen ervoor zorgen dat kinderen niet teveel achterop raken. Vroegtijdig ingrijpen is van groot belang want kinderen die vanaf zeer jonge leeftijd al in een achterstandspositie zijn terecht gekomen, komen daar heel moeilijk uit. Het heeft een groot effect op hun verdere ontwikkeling. Niet investeren in de meest kwetsbare kinderen heeft niet alleen verstrekkende gevolgen voor de kinderen zelf maar voor de maatschappij als geheel, zoals toenemende kosten voor gezondheidszorg, speciaal onderwijs, bijstandsprogramma's, politie en justitie, stelt het Innocenti rapport vast.
Kinderen in Tel: arm en rijk-verschil groter
Kinderrechtenorganisaties aangesloten bij Kinderen in Tel concludeerden in 2010 dat in de afgelopen vijf jaar de tweedeling tussen arme en rijke kinderen in Nederland is toegenomen. De algehele tendens was positief, het ging gestaag beter met de kinderen in Nederland, maar de verbeteringen kwamen niet ten goede aan alle kinderen. Juist in wijken die niet goed scoren op algemeen kinderwelzijn, is de situatie verslechterd. Dit staat in het Databoek Kinderen in Tel 2010 (publicatie maart 2010, gegevens van 2008).
Verschillen tussen wijken groter
Kinderen in Tel onderzoekt vanaf 2006 de leefsituatie van de Nederlandse jeugd per provincie, gemeente en wijk. De gegevens worden verzameld voor twaalf indicatoren die gebaseerd zijn op het VN Verdrag inzake de Rechten van het Kind. De indicatoren gaan bijvoorbeeld over het aantal tienermoeders, speelruimte, achterstandsleerlingen, zuigelingensterfte, jeugdwerkloosheid, kinderen in uitkeringsgezinnen, kindersterfte, kindermishandeling in een gemeente. Volgens het Databoek 2010 was er in de afgelopen vijf jaar sprake van een verbetering op de meeste indicatoren, maar de verschillen binnen de gemeenten zijn groter worden. In de minst scorende wijken van Nederland is de situatie nauwelijks verbeterd. De vastgestelde verbeteringen komen vooral ten goede aan kinderen in de best scorende wijken.
Armoedemonitor 2010
Het Sociaal en Cultureel Planbureau meldt op 15 december 2010 in het rapport “Armoedesignalement 2010” dat in Nederland het aantal kinderen in armoede is toegenomen. Lange tijd daalde het aantal kinderen in armoede, maar in 2009 nam het voor het eerst weer toe. In 2008 leefde 8,1% in armoede, nu is dit bijna opgelopen tot 10 procent, ofwel 311.000 kinderen.
Overheid, opgelet!
De kloof tussen kinderen mag niet groter worden. Daar zullen kinderrechtenorganisaties de overheid steeds aan herinneren. Het is de taak van de overheid om maatregelen te treffen om deze kloof te minimaliseren. Met de geplande bezuinigingen in het verschiet moeten vooral gemeenten heel goed in de gaten houden dat ze de meest kwetsbare kinderen ontzien.
|